vermoeidheid

Sommige dagen lijkt het alsof heel dit onnozele systeem weleens in elkaar gaat klappen.
Ik heb het dan niet over “het kapitalistische” (zoals je menig oud-socialist kan horen prediken in een duur café met trendy volk) maar eerder over heel dit staatssysteem waarbij alles en iedereen gewoon maar wat lijkt te doen omdat het er nu eenmaal is.
Er wordt over niet veel nagedacht zo te zien, … niet bij de vdab, noch bij het ocmw of eender waar in de ambtenarij. Waarom zouden ze ook, hun geld ligt er toch en de stroom ongelukkigen die op heb beroep doen (of eerder van hen afhangen) groeit bijna dagelijks.

Ik heb me gisteren bezig gehouden om in een goedkope supermarkt een beetje eten bij elkaar te zoeken. Melk koop ik voorlopig niet meer, wanneer ze miljoenen liters kunnen weg laten lopen ga ik niet betalen in een supermarkt voor datzelfde spul. Kapitalisme mag dan wel ons systeem zijn, maar zot ben ik nog niet.
Ik ben onlangs bekeerd tot het noodle-vreten, een bezigheid die je maag wel vult en niet te veel kost. Met wat kruiden erbij en de aanbiedingen van de dag qua vlees kom je al heel ver. Gelukkig kan ik een beetje koken, anders was het elke dag spaghetti (iets dat veel mensen in deze verpauperde buurt eten als ik de winkelkarretjes zo bekijk).

Ik zit nu al drie dagen thuis. De mensen van Tuinslagem hebben me vrijaf gegeven om te studeren. Niet dat er gek veel leerstof was van de voorbije week, maar men moest een nieuwe lichting slachtoffers, of leerlingen, uit de werklozenpoel vissen en deze mensen een week lang initiatie geven of zoiets. Dus zit ik thuis en zit er een andere arme dopper in dat lokaal te peinzen over het waarom van heel deze toestand.
Het stomme is dat ik met deze ‘vrije’ dagen niet veel ben. Je kan niet echt buiten komen want dat kost meestal veel geld (eens gaan shoppen, terrasjes doen of naar een pretpark is er dus niet bij). Je kan ook moeilijk gaan solliciteren want er reageert geen kat op je brieven die we noodgedwongen thuis schrijven terwijl we ons in het leercentrum liggen te vervelen.

Ik ben dus vandaag tot 9u in mijn bed blijven liggen, geen fut, geen zin en vooral geen geld.
De postbode belde me wakker met een aangetekende zending en zodadelijk spring ik de douche in om me te wassen met de goedkoopste zeep die ze hadden in de Lidl. Hopelijk overleef ik dat laatste tot morgen, want dan moet ik terug naar mijn keuken en de bijbehorende leerstof in Tuinslagem.
Klinkt ik triest? Ik ben het ook ja. Geen vriendin meer (als je geen werk hebt zijn ze sneller weg dan dat je ‘C4’ kan zeggen), geen werk, geen geld, geen energie en vooral geen nut meer.
Optimisme is er niet bij op een woensdagochtend mensen, sorry.


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Magere weekends

Een van de manieren waarop ik als werkloze toch nog een beetje overleef is door de weekends vrij mager te houden.

Dat wil zeggen dat ik alle dure dingen waar de mensen geld bij wegsmijten niet meer doe.  Het is totaal niet meer verantwoord (ook al heb je dan wel een beetje geld) om nog duur te gaan eten, naar hippe cocktailbars te gaan of dure kaartjes te kopen voor optredens.
Je mist het allemaal niet echt hoor. 

Wanneer je twintig jaar bent, of student ligt dat uiteraard anders. Dan kan je vaak bijverdienen of zoals de meeste jonge moderne Belgen die “erbij horen” bij ma en pa aankloppen.

De restaurantbezoeken beperk ik danook tot een absoluut minimum, en dan nog zal ik vaak bij bepaalde dineetjes een excuus gebruiken om er onderuit te muizen. 
Ik kan het niet meer opbrengen om 40 à 60 euro op een avond te spenderen aan vaak zeer ondermaats eten.
Even zeggen aan de telefoon dat je “het schijt hebt” is dan al gauw een valabele oplossing.

Vorige week moest ik op die manier naar een diner dat werd gegeven door de oude makkers van een vereniging waar ik bij zat.  De keet die ze hadden uitgekozen was zeer duur vond ik, het eten was buitenlandse rommel waar je dan nog zelf voor moest gaan aangschuiven zoals in een Oostblokland, en de gesprekken aan de tafel waren ronduit hinderlijk.  Kwam daar nog bij dat al deze mensen al snel besliten om de rekening te delen. 
Ik had dus als dopper geen keuze dan mee te betalen voor de cocktail en dure drankjes van mijn ‘vrienden’. Terwijl ik er eigenlijk het budget niet voor had.
Ook hier had ik dus beter bij het ontvangen van de uitnodiging gezegd dat ik naar een verre dagtrip moest omdat ik nog een Bongo-bon moest opgebruiken, of dat ik een voedselvergiftiging had of het schijt.
Een wijze les dus, ga nooit eten met mensen die doen alsof ze veel geld hebben, want je betaalt meestal mee voor een ander.
Zeker in groepen van meer dan zes man is het mijn ervaring dat je zeer vaak voor anderman’s gulzigheid betaalt (al ga ik ook niet op een halve euro zitten zeuren).
Vraag zodra je onraad ruikt, meteen aan de organisator of je apart kan betalen VOOR er iets op tafel komt in zulke gevallen.

Nog beter is het om met een kleine groep vrienden die je goed kent eten, dan heb je veel minder problemen Of kook zelf thuis om beurten met eenvoudige middelen en simpele gerechten.

group_parties-image1


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Besparen (deel 1)

Wanneer je opeens van een degelijk loon, terugvalt op niets (ik krijg geen werkloosheidsuitkering voorlopig), dan moet je het gewoon met minder stellen.
Ik leefde ooit met een 450 euro in de maand, en daar kon ik huur + eten van betalen en zelfs alle telefoon- en internet-kosten.
Tegenwoordig is dat niet meer te redden natuurlijk. Met 450 euro kan je nauwelijks een deftig krot huren, laat staan alle andere kosten dekken.

Het eerste wat je dus doet is besparen.
Alle negatieve effecten op de economie ten spijt, maar je kan je geen al te dure zaken meer veroorloven als magazines en allerlei merkproducten.
Om ook de maatschappij (die me tenslotte na x-aantal jaren dienst heeft uitgekotst) terug te pakken bespaar ik ook op de ‘politiek correcte’ luxe-artikelen, als daar zijn GFT-zakken en tramkaartjes om er maar al twee te noemen.
Af en toe zal ik in deze blog tips geven over op wat en hoe je kan besparen, specifiek in België.

Allereerst dus de GFT zakken – da’s duidelijk denk ik: ze zijn duur, vies en aangezien er in de buurt waar ik woon nogal wat ‘gewoon volk’ leeft die het daar ook niet zo nauw mee nemen, begin ik er ook mee.
Het is niet correct, het is niet mooi, maar het spaart me wel wat centen; België is immers toch een land waar nooit wat gecontroleerd wordt, het is hun eigen schuld (ik beschouw mezelf in dat opzicht geen onderdeel van België, of Vlaanderen, of welke naam ze ook op dit stuk weiland willen kleven).

Toen ik nog een job had betaalde ik met plezier voor witte, blauwe, groene zakken. Ik had zelfs de raad opgevolgd om oranje zakken met blauwe bollekes buiten te zetten als ze die hadden aangeraden, maar die tijd is voorbij.

Een besparing waar je niet alleen tijd en geld mee bespaart, maar de stank uit te straten mee helpt.
Je kan in de buurt altijd wel ‘creatieve’ manieren vinden om van je afval af te geraken zonder te sluikstorten. Restaurant-containers en vuilnisbakken genoeg…


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/