Vroeger hé, toen was dat allemaal….

Ik ben moe.  Niet alleen moet ik allerlei recepten van buiten leren -iets waar ik zeer slecht in ben, anders was ik geen stinkende dopper- en de nodige tijd besteden aan het zoeken van vacatures die een beetje bij me passen.
Het lukt allemaal niet zo best.  Ik ben mijn dopkaart bij de vakbond in de brievenbus gaan gooien (ze waren naar goede gewoonte weer eens gesloten, op een vrijdag om 14u).
Daarna op familiebezoek.
Da’s dus iets waar je als werkloze ook minder en minder zin in hebt (naast vroeg opstaan), het bezoeken van mensen die je dan meteen terug in de realiteit duwen met een op verwijtend toontje gestelde vraag in de aard van: ‘En ebde nu al werk gevonden?’ ‘Ja ‘t is slechte tijd zekers?’ ‘Gade nu nog voort zoeken?’

Ik knik iets tussen ja en nee op elk van die vragen, omdat ik normaal gezien bij familie op bezoek ga in de veronderstelling dat ze me kennen en me verder ook steunen in wat ik doe;  ook al is dat dan hopeloos op zoek gaan naar geschikt werk. 
Nu ja, het zijn mensen die zelf de gouden tijd hebben meegemaakt, die nog steeds de illusie hebben dat je eender waar kan binnenstappen en naar werk vragen en het nog krijgt ook. 
De tijden zijn veranderd.  Nu zijn er HR poppemiekes (meestal mislukte juristes die hun kapsel op een  centraal punt van hun universum plaatsen en vaak vergeten om de juiste CV aan de juiste mensen door te sturen, hoewel dat hun enige taak is als menselijke spamfilter op een uitzendkantoor) , Sociale secretariaten (een battterij van administratieve mensen die eigenlijk gewoon een verlengde zijn van hun office programma) en selectiebureaus (mensen die hun dagen vullen met steeds dezelfde niets ertoe doende testen te geven aan mensen die op hun vrije dag komen solliciteren), kortom: instanties die heel veel dingen kunnen verpesten omdat ze meestal geen hol interesse hebben in de kandidaten noch in de klanten waarvoor ze werken.  Als bewijs van deze jobat-houding kijk je maar naar de totaal debiel opgestelde vacatures van tegenwoordig.

Je kijkt dan rond en zit neer in de zetel bij een familielid, terwijl je verhalen hoort over geld, auto’s, verbouwingen en de economie. Die economie waar ik deel van uit maak, waar ik in consumeer, waar ik door uitgekotst ben als het ware.  Maar het doet me deugd.  Ik vind de oude werkende ik maar een sukkel, een overgestresseerde zuurpruim die zijn rekeningen betaalde en verder niets meer deed dan aanmodderen. 
Eigenlijk is deze economische crisis goed geweest om me terug te laten leven zoals vroeger, met minder geld en met meer tijd.  Jammer dat ik die tijd soms moet gebruiken om bij familie naar gezanik te luisteren over economische zaken die totaal geen steek houden.  Maar och, het duurt allemaal zijn tijd wel. 
Ergens heb ik me altijd voorzien op deze dag, op het moment dat ik geen job meer zou hebben, dus het komt niet meer hard aan.

Ik kocht een brood bij de oranje goedkope supermarkt en roosterde de sneetjes zodat het niet te erg op spons leek.  Daarbij heb ik ook nog een pot choco gekocht, een goedkoop maar lekker iets om bij de boterham te eten.  Ik modder verder.


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Frustraties

Eindelijk begon de cursus terug. Na een paar weken gedwongen verlof (je hebt als werkloze niet veel keuze wanneer men het opleidingscentrum sluit) was ik terug op de plek waar we onderricht zouden krijgen.

Meteen kreeg ik een koude douche: de hele planning van ons soep-leren-koken avontuur (dat initiëel een 5-6 maanden zou duren) werd zomaar even tot januari ‘gerokken’.
De planning werd kompleet omgegooid en opeens moesten we zelfs twee nieuwe cursussen er tussen door bij krijgen, namelijk moestuintjes-aanleggen en alles-over-asperges.

Ik vroeg waarom men ons zo lang aan het lijntje hield. Tenslotten is het de bedoeling van de vdab om mensen aan het werk te helpen niet? Men heeft er dus in mijn ogen alle baat bij om: door te werken, efficiënt te zijn en de planning te respecteren.
Blijkbaar hebben nu vier leerkrachten besloten onze klas om de beurt les te geven, ongeacht dat er twee van de vier het vak “soep koken” eigenlijk niet geven, maar da’s allemaal niet erg voor de vdab in Tuinslagem, men gooit er dan wel twee andere vakken bij die er eigenlijk weinig toe doen. Dit alles onder het mom van ‘de werkgevers vragen dit’. Wat in mijn opinie larie en apekool is.

Met andere woorden. De cursus die ik vol goede moed in mei startte, zal niet to november maar dik in januari doorlopen. En dan nog is men niet helemaal zeker.
Wat met het meeste stoort aan heel dit verhaal is dat ik niets anders hoor en zie dan ‘studiedagen’, ‘thuisstudie’ of ‘verlof’.
Elke dag dat deze mensen verlof nemen of ons thuis laten studeren, is een gemiste dag om iets bij te leren, een gemiste dag ook om ons diploma te halen en ergens te gaan werken (het einddoel van deze cursus uiteraard).

Dit alles sterkt me nog meer in het gevoel dat men hier enkel zit om vdab leerkrachten aan het werk te houden, ipv werklozen aan werk te helpen. Ik blijf voorlopig volhouden en de cursus volgen, maar het is allemaal nogal zwaar aan het worden. Ik heb een hekel aan verloren tijd, om maar te zwijgen van het verloren geld.
Daarbij komt nog dat het op een CV voor een nieuwe werkgever zeker niet positief over komt om dat 8 maanden cursus op te geven voor iets waarvan iedereen in de sector weet dat het maar 4 weken duurt normaal…

Men gooit in België heel wat opportuniteiten weg, door subsidiëring en onzorgvuldig omspringen met uren kloppers. Moesten deze mensen in de privé werken, ze zouden gek worden denk ik. Nu ok, ik heb wel door dat ze met de beste bedoelingen lesgeven, ze zijn zeker niet boosaardig of slechtgezind op ons.
Het gaat me gewoon niet snel genoeg, het contrast met de echte werkwereld is gigantisch.


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Tijd en geld

Wanneer je druk aan het werk bent besef je het niet echt. Je bent van 7 à 8u ‘s ochtends van huis weg tot een uur of 7 ‘s avonds, terwijl je heel de tijd intensief met je werk bezig bent. Je bent zelfs zo druk bezig dat je jezelf voorbij rent en niet meer beseft hoe nutteloos 90% van wat je doet is.

Je staat er niet bij stil dat je op persoonlijk vlak totaal afvlakt, gespannen, maar vooral verkrampt, geraakt. Je gaat al snel symptomen krijgen als daar zijn: zagen tegen je vrienden over futiele incidenten en frustraties op het werk of kortaf zijn tegen de mensen die je liefhebt.

Ik betrapte mezelf er ooit op een half uur tegen een vriend van me te staan ‘zeiken’ over het feit dat één van mijn collega’s op het werk nogal veel sap in het rond liet spuiten bij het verorberen van een appelsien tijdens zijn pauze. Dat de geur me niet aanstond, dat het eten van appelsienen me niet aanstond en dat eigenlijk alle geluiden me stoorden.

Ik werd een onaangename, zeurderige, verkrampte zuurpruim die enkel maar over het werk bezig was en iedereen daar mee op de zenuwen werkte.

In schrik contrast staat de bijna zorgeloze dagen die je kan beleven wanneer je werkzoekende bent.
Neem nu vandaag, ik was met mijn vriendin iets gaan drinken onder de middag.

Ze is iemand die mijn situatie begrijpt, lief, mooi, intelligent en het zou zonde zijn om met haar niet meer tijd te besteden. Het zou ook een schande zijn om haar de frustraties aan te laten horen van iemand die enkel met zijn werk bezig is.

Het mag dan wel zo heten dat ik in de ogen van de maatschappij “een luie dopper” ben nu, maar ik kan tenminste eens diep in de ogen kijken van de persoon waar ik van hou. Ik kan ze lieve woordjes toefluisteren terwijl we door niemand gehinderd in een bijna lege taverne iets drinken in het winterzonnetje. Terwijl er mensen in te grote maatpakken, in een auto die niet eens van hen is, tussen een hoop buitenlandse vrachtwagens staan stinklucht in te ademen op de autostrades.

Toen ik werkte bleef deze tijd, die men in tv-magazines nogal afstandelijk ‘quality time’ noemen, beperkt tot een dag uitstap in alle haasten op zaterdag, of een beetje voor TV zitten ‘s avonds terwijl we onnodig ingewikkelde werkverhalen tegen elkaar vertelden.
Quality time is een “consumer-term”, bedacht door soepfabrikanten en verkopers van vliegreizen. Ik verkies de term ‘reality-time’, de tijd dat je met de realiteit, je eigen echte ik, je eigen echte omgeving en de jou omringende mensen kan doorbrengen, zonder daar per sé iets te moeten bij consumeren.

Ik ben gelukkig op deze manier.
Ik kan haar eens vastnemen en zeggen hoeveel ik van haar hou, ik kan zelfs in een sentimentele bui een cadeautje gaan kopen of Godbetert een gedicht schrijven, want daar is nu tijd voor.
De winkels zijn open en er is niemand die me naar domme meetings roept waar iedereen zijn hotmail account zit te lezen op de laptop terwijl ze doen alsof het hen een bal kan schelen waar de meeting over gaat. Ik kan gewoon mezelf zijn, zonder masker en zonder tijd te verspillen tussen verkeersmongolen (alias: Audisten).


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/