de woestenij over

De laatste paar weken heb ik getracht me te settelen in de nieuwe job. De taken die ik er moet uitvoeren ga ik even in het midden laten, maar ze zijn niet echt ‘actief’ noch ‘technisch’ te noemen.

Nu ja, ik weet niet of ik er wel zin in heb om te actief te zijn zonder duidelijke doelen of motivatie. “Me bezig houden” kan ik thuis ook (er zijn nog heel wat TV-series die ik wil bekijken, de kelder moet geschilderd en er is altijd wel een taak te doen die belangrijker is dan iets aanklikken in een database).

Het bedrijf “Crymeariver” is me intussen al wat meer bekend, een notie die me beter bespaard was gebleven want het is duidelijk dat ik bij het prototype van een ‘ik wil wel maar ik kan niet’-KMO ben terecht gekomen. Toegegeven, ze zijn menselijk, vriendelijk, in mentaliteit naar de werknemers toe niet te vergelijken met Punknet van voorheen (waar men botte, boerendiplomatie en ondoordachte opmerkingen als een dagelijkse normaliteit aanschouwde bij het “mangament”).

‘Beter dan stempelen’, zou je kunnen zeggen, maar daar heb ik toch een paar argumenten tegen in te brengen. Wanneer je moet werken in een omgeving die ten dode is opgeschreven ben je niet alleen veel tijd aan’t verdoen, je verbrand jezelf er ook nog eens aan op de koop toe.

‘t Is zoiets als in het slechtste restaurant van de stad als hulpkok werken. Wanneer die zaak dan op de fles gaat (hebt u’m?:) kom je nergens nog aan de bak komen, iedereen heeft dan zoiets van “heb jij dààr gewerkt? De droom om ooit dan hoofdchef te worden in een chique restaurant kan je dan meestal ver uitstellen, of helemaal vergeten.

Jammer genoeg kan je’t niet op voorhand weten, en met de ratio van crappy bedrijven van tegenwoordig is het ook niet verwonderlijk dat je verkeerd terecht komt. Economisch kan het niet echt rendabel zijn. Crymeariver is het soort bedrijf dat het vooral moet hebben van de goodwil van vrienden van de baas, heb ik de indruk. De mensen van een groot bedrijf die, ondanks de meerprijs, toch bij Crymeariver bestellen. Gewoon omdat ze hem een toffe jongen vinden en snel iets willen in orde brengen in plaats van hun grote leveranciers andermaal lastig te vallen voor prulletjes allerhande.

De spreekwoordelijke kruimels die bij grote bestellingen van de tafel vallen zijn dan voor ons. Op zich kan het werken als business model, maar ik zie het toch somber in. Na X-aantal weken bij deze mensen te hebben gewerkt heb ik welgeteld vier bestellingen zien binnenkomen en heb ik niet echt meer dan tien uur echte arbeid verricht die als dusdanig kan meetellen.  Het loon kan echter niet compenseren voor het gevoel van nutteloosheid. Een gevoel dat ik al enkele jaren kende, tijdens mijn bore-out die ik nog steeds niet helemaal heb verwerkt.

Ik hou me dan bezig met wat leren, testen, proberen, en vooral veel gepruts, maar leuk is anders. Men beloofd meer zaken te kunnen doen, maar voorlopig zie ik dat niet gebeuren.

Inmiddels ben ik dus alweer jobsite aan’t afspeuren, … dit keer niet als dopper maar wel als zogenaamde ‘jobhopper’ (zo’n foute term,… hoppen betekent dat ik zelf vrijwillig in het rond spring van job naar job). Ik kan er ook niet aan doen, maar de tijd van het langer dan 1 jaar vol te houden op een firma is blijkbaar voorbij voor mij.
Iemand zei me dat elk klein bedrijf ooit groot kan worden of opeens een zekere professionaliteit kan beginnen aan de dag leggen. Alleszins kan je er niet op blijven wachten.
Een maand, tot twee maand kan je de kat uit de boom kijken, maar daarna moet je onherroepelijk betere oorden opzoeken of je analyse bijstellen. 
…. En de jobnomade trekt verder over het woeste landschap.


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Gepubliceerd door

kim

twitter.com/kim0raku