krabbers en toppers

De trends en gangbare ‘normen’ veranderen een beetje wanneer er veel werkzoekenden zijn.  Ik kort mijn CV daarom nog wat meer in (gaat bijna op 1 pagina nu) en schrijf een begeleidende brief. 

Vandaag heb ik met een familielid die ook zonder werk is gevallen aan het zoeken naar een betere vormgeving van de CV, altijd goed om elkaars werk te kunnen herlezen en na te speuren op fouten. 
Gaandeweg hebben we zo’n beetje zitten praten over wat we zoal tegenkwamen op de arbeidsmarkt en kwamen tot de conclusie dat ongeveer 60% van de bedrijven echt wel vierkant draaien wanner het aankomt op hun basisbeginselen, laat staan recrutering.

Misschien kan ik van de gelegenheid gebruik maken om de werkzoekenden onder jullie een paar truuks te leren in verband met het herkennen van ‘losers’ of ‘krabbers’ van bedrijven.
Onder een krabbersbedrijf versta ik een firma die vaak klein tot middelgroot is en geleid wordt door mensen die er bijna per toeval zijn beland,… genre keuterboertjes die ooit een idee hadden en dat zijn beginnen uitwerken met geleend geld en tot hun eigen stomme verbazing begonnen winst te draaien.
Meestal zijn dit soort bedrijven kleine baroniën waarbij enige sturing meestal gewoon vanuit de onderbuik van de ‘grote baas’ komt.  Dit soort bedrijven kan twee richting uti: snel een professionele attitude krijgen (mits een wissel aan de top), of langzaam verder wegzinken in de eigen onbekwaamheid en amateuristische aanpak.
Je kan als sollicitant zulke krabbers vrij snel hekennen door enkele vragen te stellen.
– Laat ze na het basisgesprek eens uitleggen hoe ze zelf de invulling, maar vooral de ondersteuning van je taak zien.  bijvoorbeeld; wanneer je solliciteert voor een job als verkoper van wasproducten op de markt, laat hen dan eens uitleggen waar je je kraam vandaan gaat halen, welke middelen je krijgt en of ze weten welke markten het best zijn of niet.
Op deze manier weet je al gauw of ze zelf enig benul hebben van je jobinhoud, en nog belangrijker: kan je nagaan of ze in tijden van nood (of tijdens je inwerkperiode) op iemand kan terugvallen die het klappen van de zweep kent.
– Tracht ook je ondervrager te doorzien in het gebruik van cliché’s en  grote woorden die eigenlijk niet in verhouding staan met de omvang van de firma en de zakencijfers.  Wanneer je het echt meent om voor een firma te gaan werken, check dan eerst hun bekwaamheid en solvabiliteit… ikzelf heb tot schade en schande moeten ondervinden dat sommige mensen hun eigen bedrijf als een geöliede machine zien, terwijl de mensen die het vuile werk moeten opknappen niet eens de basismiddelen hebben om hun werk te kunnen uitvoeren.
– Een goede firma zorgt zelf voor de nodige uitleg, en laat er geen percentage twijfel over bestaan dat ze je als werknemer kunnen en zullen ondersteunen,… bij het minste twijfel hierover moet je gewoon wegwandelen want het is de tijd niet waard.

Uiteraard kan je zulke bedrijven niet altijd meteen herkennen, vaak is het contract al getekend voor je beseft dat je bij een stel clowns werkt die hun eigen branche niet eens kennen. Sommige mensen zijn zeer goed geworden in het verbergen van de mankementen van hun firma, omdat dat het enige is dat er vaak overblijft; hun façade.
Maar ditlaatste fenomeen kan je eigenlijk ook ontmaskeren door goed om je heen te kijken wanneer je bij zulke firma komt solliciteren.  De meeste andere werknemers zien er dan ongelukkig uit, gelaten of zelfs boos, en kijken je meelijwekkend aan wanneer er ‘weer een sukkelaar’ voor een job komt kijken. Let hier nog meer op dan op wat je ondervrager allemaal uitkraamt.  Eén zulke blik kan je jaren van ellende besparen.  Ik tracht zelf ook altijd sollicitanten er voor te behoeden door zo zielig mogelijk te kijken in de hoop dat ze zich omkeren, wegrennen en niet meer van zich laten horen.


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Gepubliceerd door

kim

twitter.com/kim0raku