ongeoorloofde vragen tijdens job interview

Normaal ben ik zeer blij wanneer ik word uitgenodigd voor een gesprek bij een bedrijf. Ik ben zelfs nog meer in mijn element wanneer blijkt dat ik rechtstreeks mag solliciteren bij het bedrijf waar ik wil werken en dus niet via recruiters moet gaan.

Ik kreeg zulke kans bij een firma in het Antwerpse. Vorige week ging ik er naartoe om met de zaakvoerder te praten.

Ik kwam mooi op tijd aan bij Organi in Wilrijk, parkeerde me op hun ruime parking en ging binnen in de grote hal. Er zaten twee dames aan de bijna onverlichte receptie, en verderop stond iemand schoon te
maken. De eerste indruk was dat de tapis-plain, de prefab-zetels en tussenmuren, samen met de oorkondes aan de muur nogal ouderwets aandeden. Iets wat je niet verwacht bij een IT-firma die zichzelf anno 2013
vooruitstrevend noemt. (Voor de insiders: Wanneer je hun naakte domeinnaam intypt krijg je een error-melding trouwens 🙂 je moet er nog www. voortypen of het lukt niet … maar dit terzijde.)

Ik mocht me neerzetten in het “salon”. Wat neer kwam op enkele vrij sjofel uitziende stoeltjes die aan elkaar waren vastgemaakt om een zitbank te vormen (laatste keer dat ik zulks zag was op een vdab-infodag). Er stond een salontafeltje bij met daarop enkele ringmappen.

Ik bladerde in afwachting van mijn afspraak met Dhr. Grauwet in een van deze mappen, en zag tot mijn verbazing enkele slecht gekopiëerde artikels over het bedrijf. Men had deze firma blijkbaar in 1977 opgericht, een tijdperk waarin het meubilair (en later ook de werk-ethos zo kwam ik te weten) blijkbaar nog was blijven steken.

De bron van deze artikels waren allemaal duidingsmagazines uit de Vlaamsche-KMO sfeer. Zo zijn er boekjes waar men systematisch bedrijfsleiders die lid zijn van het VBO, DVO, UNIZO en andere
organisaties, interviewt om hen vervolgens een volledig artikel hun eigen propagande te laten spuien.

Vroeger deed men dit nog onder het mom van economische journalistiek, maar deze dagen gaat men plat op de buik om om het even wie enkele honderden euro’s geeft een platform te geven om hun bedrijfje in de
verf te laten zetten. Al dan niet met flaterende foto’s erbij…

Ik dacht meteen aan de ex-baas van een inmiddels gezonken firma waar ik werkte.  Hij deed ook vaak mee aan dit soort geintjes (niet meer dan bezigheidstherapie voor verveelde KMO’ers) waarbij men 150 euro
betaalde om daarna 2 pagina’s te mogen vullen met de grootste leugens over de zogenaamde innovativiteit van het bedrijf. Innovativiteit die toen vooral terug te vinden was in het hoofd van de CEO, maar verder
volledig dode letter bleef binnen de firma.
Innovativiteit die je vooral in een boekje moet vertellen, maar nooit uitvoeren dus,… De “journalist” van dienst die het fabeltje in tekst omzet, heeft wijselijk ook weggelaten dat er een “are you ready for
the next millennium-poster” boven mijnheer zijn bureau hing anno 2012.

Maar ik dwaal af.

De map op het salontafeltje van Organi (wat een kutnaam trouwens) met halve waarheid-artikels was zo herkenbaar dat ik ze met een brede grijns op mijn gezicht zat te lezen.

Een man met een tot aan zijn oksels opgetrokken zwarte pantalon en een opgepoft wit hemd kwam op me af en hij schudde me haastig de hand, zonder mijn naam te vragen of wat dan ook. Hij stelde zich ook
niet voor, maar door de map die ik zonet had doorgenomen wist ik dat dit de lokale Napoleon moest zijn, Dhr. Grauwet.

Hij verdween weer even naar de receptie, waarna een van zijn assistentes me naar een bovenverdieping van het gebouw leidde.
Onderweg zag ik een zeer treurig uitziend iemand aan een computer zitten terwijl hij meelijwekkend naar me keek op de trappenhal. Ik kon zo zien dat wat hij dacht: “weer een sukkel die komt solliciteren”.
Ik zette me neer in de vergaderzaal met een glas water dat me snel werd gegeven. Een tien minuten later kwam de bedrijfsleider binnen.

Hij keek me niet aan, en begon meteen te vertellen dat ik mijn CV via ‘de beurs’ had binngegooid.
Ik corrigeerde hem, ik had namelijk mijn CV op hun vacature gestuurd die via vacature.com online stond.

Daarna kreeg ik te horen dat hij snel wilde gaan, aangezien hij sollicitaties altijd snel wil afhandelen. Geen probleem… doe maar. Het ging er hem duidelijk om, om mensen gezien te hebben, los van hun
CV of capaciteiten.

Daarna begon een ongeloofelijke opeenvolging van vragen die eigenlijk
niets met de job te maken hadden:
“Vertel eens iets over uw persoonlijke situatie…”
“Werk-gerelateerd, wat bedoelt u precies?” probeerde ik.
“Waar u woont enzo….”
Ik legde hem uit waar ik woonde. Waarna hij doorvroeg:
“Wat is uw leeftijd”
“Wie zijn uw ouders… uw moeder? Uw vader?”

“Wat doet uw vriendin?”
“Met wat voor wagen rijdt u?”
Ik zei hem dat ik met een kleine wagen rijdt.
“Ah, dan zal je wel interesse hebben in onze bedrijfswagen nee?” zei
hij op kleinerende toon.
“Niet echt… nee eigenlijk niet” Antwoordde ik de arrogant overkomende man in zijn poofy-hemd… intussen kon ik hem al niet meer luchten.

Hij bleef maar doorgaan, de meest irrelevante vragen stellen.  De antwoorden interesseerden hem ook geen hol, want zodra ik iets begon te vertellen onderbrak hij me (ook al had hij niet eens één zin gehoord) en deed hij een handgebaar om voort te doen. Hij keek niet echt op van zijn papieren, het interesseerde hem totaal niet.

Toen kreeg hij een telefoon, en ging hij eigenlijk ‘afronden’. Hij stelde nog een vraag over zijn eigen bedrijf, waarna hij rechtstond en al de gang op liep  terwijl ik mijn jas nog aan het aantrekken was. Hij kwam verveeld terug kijken in de vergaderruimte, waarna hij verdween en me zelf de uitgang liet terugvinden.

Eens beneden gekomen zag ik de volgende kandidaat al klaarzitten in
het jaren ’70 decor. En ik glimlachte.

Zelfs voor een toploon zou ik voor dit soort schertsfiguur niet willen werken, met zijn oubollige firma in een nichemarkt die zogenaamd elk jaar 10% meer omzet draait. Nuja, omzet draaien is geen winst draaien
uiteraard, en dat weet die “CEO” met zijn bvba’tje maar al te goed.

                                                         —
PS:  Normaal hou ik deze blog vrij algemeen, want namen noemen is niet professioneel. Maar daar maak ik bij dit bedrijf graag een uitzondering op aangezien men zelf daar de regels van het solliciteren totaal negeert.

De bedrijfsnaam verander ik dan meestal in iets ludieks, grappigs, zoals ‘kommer en kwel. inc.’ of ‘wedontcare NV’.  Maar bij dit bedrijf kan ik met recht en reden zeggen dat ik de naam er graag bij vermeld,
misschien hebben andere werklozen er nog iets aan wanner ze bij deze naar mijn menig boertige “CEO” willen komen werken.


Gepubliceerd via http://dagboekvaneendopper.blogspot.com/

Gepubliceerd door

kim

twitter.com/kim0raku