shoppen

(alle dt-fouten in deze tekst zijn opzettelijk)

Het is in deze mooie tijden van diversiteit en reclame een hel geworden om iets te vinden in een winkel. Je kan eigenlijk om het even wat kopen op het internet, maar aangezien je dan van de postsystemen afhangt en lange wachttijden hebt, ga je toch nog liever zelf fysiek winkelen (of “shoppeh” zoals het tegenwoordig genoemd word).

Het mooie aan shoppen is dat je zelf rondwandeld en kiest uit een ruim assortiment.
De pret word alleen een beetje bedorven door het dilletantisme van het winkelpersonneel. Deze mensen zijn in 80% van de gevallen niet opgewassen tegen hun onderbetaalde, en geringe taak. Het achter een balie staan, of aan een rek, het mooi wezen, en het rondkijken en nageltjes lakken lukt allemaal nog wel, maar als de taak echt verkopen word, of de klant echt helpen in z’n keuze, dan haken deze 80% af.
Ik ben zelf iemand die in de ‘support’ branche zit zeg maar. Ik help technische mensen met technische problemen op te zoeken, te simuleren in een lab, en kom daarna met een oplossing af indien mogenlijk. Van mij moet je dus niet verwachten dat ik het verschil weet tussen een pull-over of een t-shirt, of tussen een vrouwenjeans en een mannenjeans, of tussen wintermode en zomermode… ik stap gewoon een winkel binnen zoals iemand in een onbekend dorp, met een kapotte fiat panda wat verderop geparkeerd, een italiaanse garage binnenstapt op zn’ vakantie. Ik weet het ook niet maar ik meot gewoon een nieuwe broak of trui of jas of weet ik veel hebben als de vorige ‘stuk’ is. En ik wil er niet uitzien als een inzending voor Idool 2005. (Dus de opzcihtige t-shirts met fluo letters en de hemdjes en pastelkleurige troep mogen ze houden, mode of niet… mode is hebzucht).

Ik stapte een winkel binnen die zich specialiseerde in glazen en koppen en serviezen.
De trut achter de toog droeg een zwart mantelpakje waarbij ze groen nagellak droeg. Vrij kinky, maar ok… dat mag de pret geenszins bederven.
Ik vroeg haar na even rond te hebben gekeken in de veelkleurige omgeving, naar cocktailglazen,… liefst whiskyglazen en ongdrink.
Ze bekeek me alsof ik net een dood lid vna de Bende van Nijvel op m’n rug dragend, een franse krant lezend op een eenwieler door ene brandende hoepel sprong bij wijze van circus-act. Waarna ze me naar de achterkant van het uitgestalde waar loodste en daar enkele champagne- en wijnglazen liet zien.
Ik zei haar dat cocktails meestal in platte whisky-, grote ronde- of long-drinkglazen
worden gegoten… niet in wijnglazen.
Ze keek opnieuw naar me, deze keer iets wantrouwiger, en dan lachte ze op een zenuwachtige manier en vertelde ze me dat ze me niet kon helpen. En ze sloeg angels met koppen,… ze kon me inderdaad niet helpen. Iemand met zo weinig iq, zo’n schamele uitstaling, zo weinig professionalisme en zo’n klein loon en ontoereikende ambities kon me niet helpen. Zelfs al ben ik 40 en nog steeds vrijgezel, en spoelde ik samen met haar aan op het laatste eiland dat nog niet door zombies was overgenomen, dan nog zou het “niet echt klikken” zoals men dat zegt. Deze uitgespogen trut en haar winkeltje waren wat er mis is met deze economie.

Ik ging daarna naar een winkel waar men campinggereedschap verkocht, maar deze heerschappen vonden het nodig om te sluiten op maandag. Waarschijnlijk willen ze niet echt verkopen ofzo.

Hoe het wel moet volgt nu.
Ik stapte een parfumerie binnen, de vriendelijke, ietwat oudere dame vrog me meteen wat ik zocht en ik zei ‘azzaro’, je hebt me daar vorige keer een staaltje van gegeven en ik vond eht wel ok ruiken. (Iemand die bij me op bezoek was vond dat het naar erwtensoep rook, maar blijkbaar vond weer iemand anders dat het lekker ruikte, en die laatste mening woog iets zwaarder door uiteindelijk).
Ik rekende af en toen ik zei om het op m’n ma haar klantenkaart bij te zetten vond de dame dat zo sympathiek dat ze me prompt nog een stuk of 4 staaltje bij gaf. Je kan je popularieteit in een parfumerie volgens sommige vrouwen, afmeten aan het aantal staaltjes je krijgt. 1 krijg je sowieso, omdat dat company policy is. Maar de rest hangt af van de goodwill van de winkeljuffrouw. Een voordeel had ik wel, er stond blijkbaar vrij veel op haar klantenkaart, dus dat telt.

Daarna ging ik (inmiddels fris ruikend) naar een winkel die zich spacialiseerde in broeken en t-shirts. Hun virtrine viel me op aangezien ze m’n vroegere favoriete merk weer tot leven hadden gebracht. Ik droeg een 8 à 10 jaar geleden en met “fish-eye” in Gent vertoefde bijna altijd wat van g-star. Tot ze met komplete belachelijke trendy dignen begonnen, sindsdien ben ik ze uit het oog verloren.
Nu blijken ze terug te zijn, en met dragbare niet al te opzichtige kleding.
Ook daar kreeg ik hulp van ene winkelbediende. Een gast die me joviaal hielp bij m’n keuzen, geen pretentie of hautain gedrag vertoonde en vooral niet te lui was om eens iets uit een rek te nemen.
Je ziet, je kan ook aan komplete niet modebewuste mensen verkopen, als je maar gewoon doet, en je waren deugen.

Het is zalig om tijd te hebben voor dit soort fratsen eigenlijk …

Gepubliceerd door

kim

twitter.com/kim0raku